Een bijzondere ontmoeting in Ghana
Op mijn 18e besloot ik een tussenjaar te nemen om de wereld te zien. Met het geld dat ik die zomer met drie baantjes bij elkaar had gespaard en een backpack waar ik bijna zelf in paste, vertrok ik voor drie maanden naar Ghana. Die drie maanden werden er acht en toen ik terugkwam, was ik een ander mens.
Het doet iets met je om op je 18e zo in het diepe te springen. Je onder te dompelen in een totaal andere wereld en daar zowel mooie als diep confronterende inzichten op te doen. Er waren gesprekken, met een moeder die met haar vijf kids op straat leefde en jongeren die geen andere uitweg zien dan de illegaliteit. Er waren aan ondervoeding gestorven baby’tjes, veel te klein, veel te mager. Spontane dansfeesten op straat waren er, en hartelijk gegroet. Met aandacht bereide maaltijden en op maat gemaakte kleding, cadeautjes voor de gast uit Europa. Een diep eerbied voor de natuur en respect voor het onzichtbare.
En ik ontmoette er Mama Joyce Obeng. Mama Joyce, die mij leerde wat écht delen is. Niet het soort dat we in Nederland kennen (‘als ik over heb of het niet meer gebruik, dan mag jij het wel hebben’) maar delen vanuit je hart. Tijd, geld, bezittingen, liefde – bovenal liefde.

